Taalvaardigheid

Taaltoets

Met de Hogeschooltaaltoets stellen de docenten vast of de instromende eerstejaarsstudenten voldoen aan de landelijk vastgestelde norm voor taal. 

De taaltoets bestaat uit 80 opgaven op 3F-niveau, die het schriftelijke taalgebruik van de studenten op indirecte wijze meten. Dit houdt in dat de student (grotendeels) meerkeuzevragen krijgt over de spellingwijze van woorden, de interpunctie, de formulering en de grammatica. Af en toe dient de student zelf een woord in te vullen (bijvoorbeeld de juiste werkwoordsvorm). 

De toets wordt door Hogeschooltaal nagekeken. Alle toetsen worden vóór en ná afname getoetst op betrouwbaarheid en validiteit. 

De toets is als volgt onderverdeeld: 

In totaal 80 items, niveau 3F

  • Spelling van werkwoorden (20 items);
  • Spelling algemeen (20 items);
  • Zinsstructuur (20 items);
  • Algemeen taalgebruik (20 items).

Meer weten? Zie www.hogeschooltaal.nl