Post-digitale cultuur en visies op het internet van de toekomst

Een huis vol boeken, een niet te stillen honger naar kennis en een flinke dosis enthousiasme, gekoppeld aan een razend spreektempo. Maak kennis met Nadine Roestenburg, leider van de onderzoekslijn Post-digitale kunst, cultuur en samenleving. ‘Dit onderwerp zal me de rest van mijn leven blijven boeien.’

Wat heb je zelf gestudeerd? ‘Ik heb grafisch ontwerp gedaan aan de Kunstacademie AKV St. Joost in Breda en was altijd al geïnteresseerd in media, communicatietechnologie en beeldcultuur. Daarna heb ik aan Tilburg University de master ‘Kunst, publiek en samenleving’ gedaan. Ik ben afgestudeerd met een thesis die ik zo interessant vond dat ik er verder mee ben gegaan. Nu doe ik een PhD in Amsterdam.’

‘Post-digitale Cultuur is best een brede titel. Wat houdt het precies in? ‘Ik heb deze bewust zo breed gekozen, ook al is de term wat misleidend. We zitten immers nog steeds in het digitale tijdperk. Mijn onderzoekslijn houdt zich bezig met de vraag hoe de kunst- en cultuursector en de samenleving omgaan met nieuwe technologieën zoals internet en sociale media nu ze zo gewoon zijn geworden. Die technologieën zijn zo verweven met ons leven dat we ons niet meer van bewust zijn van hun aanwezigheid en hun rol. Je hebt een vraag en grijpt zonder na te denken naar je telefoon. Dat was twintig jaar geleden ondenkbaar.’

Wat is het belang van deze onderzoekslijn? ‘De technologieën die we gebruiken bepalen voor een deel de manier waarop we tegen de wereld aankijken. Zonder die technologieën zouden we de wereld anders zien. Digitale technologieën zijn inmiddels helemaal vergroeid met ons leven, je merkt het soms niet eens op als je alweer op je telefoon kijkt. Ze worden ook steeds vernuftiger; denk aan kunstmatige intelligentie en algoritmes. Die technologie heeft zowel positieve als negatieve effecten. Sommige daarvan worden nu pas echt duidelijk. Ik denk dat het goed is als we ons daarvan bewust zijn, zodat we kunnen bepalen hoe we ermee om willen gaan.’

Wat heeft de manier waarop we met technologie omgaan in het post-digitale tijdperk met creativiteit te maken? ‘Alles, volgens mij. Je ziet vaak dat creatieven media op een heel andere manier gebruiken dan de ontwikkelaars voor ogen hadden. Vaak ook op een artistieke manier. Kunstenaars en andere creatieven lopen daarin voorop en kunnen je laten ervaren wat er met technologieën nog meer mogelijk is. Ze zijn de pioniers van onze samenleving en omarmen nieuwe ontwikkelingen vaak als eerste. Sterker: ze staan vaak aan de wieg van nieuwe technologieën. Marshall McLuhan, een vooraanstaande communicatiewetenschapper, zei ooit iets in de trant van: ‘Zonder kunstenaars kunnen we een medium niet begrijpen.’ Volgens hem is een medium pas voor reflectie toegankelijk nadat kunstenaars ermee aan de slag zijn gegaan. Hun creativiteit leidt er vaak toe dat we media op een nieuwe manier kunnen inzetten.’

Hoe heb je het onderzoek opgezet? ‘Ik ben aan het onderzoeken waar de grootste behoefte naar onderzoek is. Daarom heb ik het momenteel onderverdeeld in drie pijlers. De eerste pijler onderzoekt wie er binnen Fontys onderzoek doet naar de relatie tussen mens en technologie. Binnen Fontys gebeurt al veel op dit gebied, dus bij deze pijler brengen we vooral in kaart wat er is en waar zich blinde vlekken en overlap bevinden. Noem deze pijler maar ‘de post-digitale positie bij Fontys’. De tweede pijler behandelt de overkoepelende vraag hoe ons post-digitale tijdperk er uitziet: welke problemen vragen om aandacht en wat voor omgangsstrategieën worden er geopperd? Dit is ook verbonden aan mijn PhD aan de Universiteit van Amsterdam. Ik houd mezelf vooral bezig met de overkoepelende vraag hoe ons post-digitale tijdperk er uitziet, met speciale aandacht daarbinnen voor de rol van kunstenaars. De derde pijler heet ‘DIGIDOPAMINE’. Dopamine is een stofje in ons lichaam dat ons helpt geluk en genot te ervaren. Binnen deze pijler onderzoeken nu twee studenten de relatie tussen digitale technologie en welzijn: de een richt zich op huilvideo’s op YouTube, de ander op hoe verschillende generaties nadenken over smartphoneverslaving. Het draai dus allemaal om welke beloning we ervaren als we digitale technologieën gebruiken en hoe we ermee omgaan. Sommige mensen sluiten zich bijvoorbeeld periodiek af van digitale media, of grijpen terug op analoge media zoals de aloude langspeelplaat van vinyl. Dit onderzoek richt zich vooral op millennials en post-millennials.’

Heb je al resultaten? ‘Mijn resultaten zijn tot nu toe vooral nieuwe inzichten, bijvoorbeeld inzicht in de manier waarop we de onderzoekslijn het beste kunnen opzetten. Door de interviews kwam naar boven dat we digital natives vaak beschouwen als mediawijs, maar dat blijkt niet te kloppen. Millennials zijn opgegroeid met social media en digitale technologieën maar dat betekent niet automatisch dat ze daar ook werkelijk kennis van hebben. Wat ik hoop dat de onderzoeken gaan opleveren, is dat mensen die digitale media maar ook algoritmes ontwikkelen en gebruiken en data beschikbaar stellen daar kritisch over gaan nadenken. Velen van ons hebben geen idee wat één klik precies teweegbrengt, hoe digitale technologieën onze aandacht weten te verkrijgen en vast te houden op een manier die sterk op verslaving lijkt, en hoe ons gedrag soms wordt gestuurd of zelfs gemanipuleerd. Wie weet levert de onderzoekslijn strategieën op hoe daar slim mee om te gaan.’

Zijn er binnen jouw onderzoekslijn nog onderzoeksvragen waarmee studenten aan de slag kunnen? ‘Ja, heel veel. Na de zomer wil ik de track ‘DIGIDOPAMINE’ als onderdeel van de nieuwe ‘Brave New Minor’ verder uitbouwen. Studenten die geïnteresseerd zijn om na te denken over de invloed van digitale technologie kunnen zich bij me melden.’

Sfeerafbeelding Fontys

Onderzoeksleider:
Nadine Roestenburg n.roestenburg@fontys.nl