Narratief Medicijndispenser 4

Jaimy Verberne, Zorgboog, 2020

Onderzoeksvraag

Wat zijn de ervaringen van cliënten, mantelzorgers, verpleegkundigen en verzorgenden met de inzet van medicijndispenser bij ouderen in wijkcluster Deurne ten behoeve van vergroting van de zelfredzaamheid?

Medicijndispenser en zelfredzaamheid

Het is de laatste week van februari 2020 wanneer mevrouw Gijsen en haar zoon Frans te horen krijgen dat mevrouw de medicijndispenser een aantal weken uit mag gaan proberen. Deze slimme medicijndispenser kan cliënten ondersteunen bij het zelfstandig innemen van de medicatie. Op de ingestelde tijden dat mevrouw de medicatie moet innemen, geeft de medicijndispenser een licht- en geluidssignaal. Door op de ‘OK’ knop te drukken, stopt het signaal en komen de medicatiezakjes van dat tijdstip eruit waarbij er al in inkeping wordt gemaakt zodat de zakjes gemakkelijker te openen zijn. Wanneer er niet wordt gereageerd op het signaal, wordt dit door de medicijndispenser doorgezonden naar de zorgcentrale waarna er door de thuiszorg contact wordt opgenomen met de cliënt om te controleren waarom de cliënt de medicatie niet heeft gepakt.

Mevrouw Gijsen is 93 jaar en woont nog zelfstandig thuis in Deurne met haar zoon Frans, die haar met veel dingen thuis helpt als mantelzorger. Daarnaast komt de thuiszorg iedere dag bij mevrouw Gijsen langs om te controleren of ze haar medicatie goed heeft ingenomen en hoe het verder gaat met haar, aangezien ze wat vergeetachtig begint te worden en veel last heeft van duizeligheid. Monique is de verpleegkundige die het meeste bij mevrouw langsgaat. Monique is de verpleegkundige contactpersoon van mevrouw Gijsen en is zeer betrokken bij de zorg en het welzijn van mevrouw. Toen er bekend werd dat een cliënt in wijkteam Zeilberg/Koolhof de medicijndispenser kon uitproberen, was Monique heel benieuwd of dit mogelijk iets voor mevrouw Gijsen zou zijn, aangezien mevrouw erg gesteld is op haar vrijheid en zelfstandigheid. Mevrouw Gijsen had al wel een baxterrol met medicatie, maar dan nog vergat ze soms de medicatie in te nemen, met name ’s avonds, en kreeg ze de zakjes alleen open met een schaar. Ondanks dat mevrouw de medicatie ’s avonds soms vergat, wilde ze liever niet dat er twee keer per dag thuiszorg zou komen. Frans is wel een betrokken mantelzorger, maar hij heeft het al druk genoeg met zijn eigen werk en de overige zorgtaken in huis, waardoor Frans het ook niet altijd direct in de gaten heeft als zijn moeder de medicatie is vergeten in te nemen. Daarom leek mevrouw Gijsen de perfecte kandidaat om de medicijndispenser te gaan uitproberen. Mevrouw Gijsen wist niet goed wat ze van de medicijndispenser moest verwachten, maar ze was er wel erg nieuwsgierig naar. Het was haar in ieder geval duidelijk dat de medicijndispenser haar kon helpen om haar medicatie op tijd te nemen en de zakjes gemakkelijker te openen.

Een aantal weken later was het zover. De medicijndispenser werd bij mevrouw thuis geïnstalleerd. Frans vond het een prachtig apparaat om te zien, maar had er wel zijn twijfels over. Hij wist niet zeker of zijn moeder de technologie zou gaan accepteren en hij vond het ook een verontrustend idee als er niet meer iedere dag een verpleegkundige of verzorgende langs zou komen.
Monique was enerzijds enthousiast over wat de medicijndispenser op zou kunnen leveren, namelijk dat cliënten als mevrouw Gijsen niet meer hoeven te wachten en daardoor meer zelfredzaamheid en vrijheid terugkrijgen. Tevens heeft Monique hierdoor meer tijd voor andere cliënten die niet meer zelfredzaam kunnen en willen zijn. Toch denkt Monique dat het nadelig kan zijn om haar cliënten niet elke dag meer te zien. Ze is bezorgd dat ze minder goed in de gaten kan houden hoe het met mevrouw Gijsen gaat.
Een andere cliënt die ook wordt ondersteund bij de medicatie-inname verwacht dat de medicijndispenser wel veel zelfredzaamheid op kan leveren voor mensen die vergeetachtig zijn, maar denkt dat de medicijndispenser geen prettige oplossing is voor cliënten die eenzaam zijn, omdat zij dan het dagelijkse praatje missen. Alle betrokkenen in deze casus hadden dus ambivalente gevoelens over minder fysiek contact tussen de cliënt en de verpleegkundigen en verzorgenden wanneer de medicijndispenser wordt ingezet. Ook mevrouw Gijsen wilde niet dat dat de medicijndispenser het dagelijks contact met de verpleegkundige of verzorgende ging vervangen, maar onder voorwaarde dat de zorg voorlopig niet afgebouwd zou worden, wilde ze de medicijndispenser wel gaan uitproberen. Ook omdat ze merkt dat ze steeds vergeetachtiger begint te worden.
De eerste dagen gingen voorbij, waarin Monique, mevrouw Gijsen en Frans ervaring opbouwden met de medicijndispenser en werden geïnstrueerd hoe de medicijndispenser gehanteerd moest worden. Mevrouw Gijsen pikte snel op wat ze moest doen om de medicatie te kunnen pakken. Ze vond het erg fijn dat de zakjes al werden afgesneden, waardoor ze niet meer hoefde te klungelen met een schaar. Ook Monique had weinig voorbereiding nodig voor ze doorhad hoe elke week de nieuwe rol in de medicijndispenser geplaatst moest worden. Ze had van tevoren één keer meegekeken met een collega en daarna nog een instructiefilmpje gekeken op YouTube. Ze plaatste de rol dan ook zorgvuldig en succesvol in de medicijndispenser. Zowel Monique, mevrouw Gijsen en Frans hadden niet verwacht dat de medicijndispenser zo gebruiksvriendelijk was, maar ze waren zeer tevreden over de werking.
De komst van medicijndispenser was een opluchting voor Frans als mantelzorger. Hij kon zich weer meer bezighouden met zijn werk, omdat hij zich niet meer bezig hoefde te houden met de controle van de medicatie. Hij beschouwde de medicijndispenser als een extra controlemoment en dit gaf hem een gevoel van veiligheid en rust.

De eerste twee weken gingen soepel voorbij. Toch was mevrouw Gijsen ’s avonds twee keer vergeten de medicatie te pakken. Omdat mevrouw zo slechthorend is, zet mevrouw een Sennheiser op tijdens het televisie kijken. Dat is een soort koptelefoon waar het geluid van de televisie hard door klinkt en alle omgevingsgeluiden niet meer hoorbaar zijn, waaronder dus het geluidssignaal van de medicijndispenser. Gelukkig hoorde Frans dit signaal wel vanuit zijn kantoor op de eerste verdieping, zodat hij zijn moeder kon waarschuwen dat zij de medicatie moest gaan pakken, maar dit vond hij wel vervelend. Daarnaast is er ook regelmatig iets voorgevallen wat buiten hun macht lag. Zo had de medicijndispenser soms het euvel dat de zakjes verkeerd werden afgesneden, waardoor de medicijndispenser storing gaf. Frans had zich verdiept in de werking van de medicijndispenser en het instructieboekje wat erbij zat bestudeerd waardoor hij dit in de meeste gevallen zelf kon oplossen door het zakje er handmatig uit te halen. Een keer lukte het Frans niet om de storing op te lossen, waardoor het signaal werd doorgestuurd naar de zorgcentrale. Verzorgende Janne had bereikbare dienst en kwam bij deze melding uit. Ze ging langs om te proberen de storing op te lossen, maar ze had de medicijndispenser nog nooit gezien waardoor ze er niet goed uit kwam. Ze moest het hele instructieboekje doornemen en contact opnemen met de medicijndispenser Helpdesk. Dit nam veel tijd in beslag en ze vond het onprofessioneel overkomen, wat haar een vervelend gevoel gaf.

Ondanks dat mevrouw Gijsen en Frans erg tevreden waren over de werking van medicijndispenser, brachten de technische gebreken de eerste twijfels over het behouden van de medicijndispenser.

Na een proefperiode van vier weken liet Frans aan Monique weten dat ze wilden stoppen met de medicijndispenser. Inmiddels was het coronavirus uitgebroken en werden in deze week de eerste maatregelen opgelegd door de minister. Frans was doodsbang om het coronavirus in huis te halen, omdat hij en zijn moeder beiden in de risicogroep vallen. Hij wilde zijn moeder beschermen en had alle zorg afgezegd. Hij wilde ook liever niet meer dat er nog iemand kwam om de medicijndispenser wekelijks te vullen. Hij vond het moeilijk om deze beslissing te maken, omdat hij het toch jammer vond dat de medicijndispenser wegging. Mevrouw Gijsen vond het minder vervelend dat de medicijndispenser wegging. Ze wilde de proefperiode van acht weken wel afmaken, maar ze was er na vier weken al over uit dat ze de medicijndispenser niet meer wilde houden. Mevrouw Gijsen hecht veel waarde aan eigen regie en ze raakte ervan gefrustreerd dat ze elke keer moest wachten tot het alarmsignaal afging. Mevrouw Gijsen wil flexibel om kunnen gaan met de tijden waarop ze de medicatie in moet nemen en voelt zich nu juist minder zelfredzaam met de medicijndispenser. Ze wil de regie over de medicatie-inname zelf in handen houden en vind dat ze dit ook nog prima kan zonder hulp van een apparaat. Frans vertrouwt er ook op dat zijn moeder de medicatie-inname zelf kan beheren en nog zelfredzaam is met een beetje hulp van hem.

Monique vond het jammer om te horen dat mevrouw Gijsen de medicijndispenser niet wil houden, maar zag het ergens al aankomen. Monique heeft het idee dat mevrouw Gijsen de technologie nu nog niet accepteert, omdat Frans haar nog kan helpen. Toch denkt Monique dat de medicijndispenser wel zeer geschikt zou zijn voor mevrouw wanneer haar zoon niet meer thuis woont, omdat ze wel vergeetachtig aan het worden is en geen vrouw is die veel zorgmomenten zou willen.

Volgens Monique was dit nu niet het juiste moment voor mevrouw Gijsen, maar gaat ze de medicijndispenser onthouden voor wanneer ze wel geschikte cliënten heeft. Ze vindt het moeilijk om in te schatten wanneer de medicijndispenser een meerwaarde heeft voor de cliënt, maar ze is gemotiveerd om dit wel uit te gaan proberen in de toekomst. Verschillende verpleegkundigen en verzorgenden, waaronder Manon en Ria, verwachten dat de medicijndispenser maar voor een kleine groep cliënten geschikt is binnen wijkteam Zeilberg/Koolhof, maar vinden de medicijndispenser toch het proberen waard voor dat kleine groepje waarvoor de medicijndispenser de zelfredzaamheid wel bevorderd.