" Robots worden de nieuwe rescue dogs "

Mo, zo heet de zelfgebouwde robot van Marijke de Geus. En hij staat momenteel half uit elkaar op haar bureau. “Hij is een prototype en ook heel fragiel”, zegt Marijke. Ze heeft een achtergrond als industrieel ontwerper en werkt sinds kort bij Fontys Hogeschool Engineering als Onderzoek en Onderwijsassistent. “Ik verricht onderzoek naar hoe een functionele robot kan gaan samenwerken met een mens en hoe de mens zich daar dan bij voelt.”

"Ik vind het leuke aan robots hoe mensen er op reageren"

Dat Marijke gepassioneerd is over robots, dat blijkt al gauw uit het gesprek. “Ik vind het leuke aan robots hoe mensen er op reageren. De eerste reactie van mensen die Mo zien, roepen ‘ah wat schattig’. Ik heb Mo ontworpen om schattig te zijn en daarom ligt het wel in lijn der verwachting dat ze hem schattig vinden. Als ik een robot ontwerp doe ik dat op dezelfde manier dat Disney en Pixar karakters bedenken, maar ik heb niet een al bestaand karakter in m’n hoofd. Mijn robot neemt vorm aan op basis van context- en gebruikersonderzoek. Waar Disney en Pixar erg goed in zijn, is door middel van beweging een karakter over te brengen en geloofwaardig het leven in tekeningen of 3D modellen te blazen. Het zogeheten ‘the illusion of life’. Denk maar aan tot leven komende bureaulampen en vliegende tapijten.”

Dat is ook meteen het punt volgens Marijke waar robots in de ‘echte’ wereld nog een flinke verbetering in kunnen maken. “Wij als mensen zijn heel gevoelig voor bewegingen. We hebben bijvoorbeeld maar een paar bewegende punten nodig om mensen te kunnen onderscheiden, inclusief wat ze aan het doen zijn. Maar daarnaast ook relaties tussen mensen en wat we van ze verwachten”, legt Marijke uit. “Ook als we kijken naar dieren. We projecteren heel veel op dieren door middel van bewegingen. We kunnen daarvan heel erg goed gebruik maken, zodat mensen intuïtief weten hoe ze moeten reageren op bewegingen van een robot. Je gaat je dus vertrouwder voelen met een robot als je onbewust een beweging herkent en dat je niet bewust hoeft na te denken hoe je daarop moet reageren.”

"Je gaat je dus vertrouwder voelen met een robot als je onbewust een beweging herkent"

Even terug naar Mo. Waar komt de naam vandaan? “Mo is een ziekenhuistransportrobot. De naam komt uit een kinderboek dat mijn moeder vroeger veel voor las en er is een robot uit de film Wall E die ook Mo heet. Die heb ik bestudeerd toen ik begon met ontwerpen. Dit personage heeft namelijk een bijrol en is maar even in beeld, maar toch laat hij een indruk achter en vergeet je hem niet meer. Dat hebben transportrobots ook. Je ziet ze maar heel even, maar je onthoudt ze wel. Ik heb Mo ontworpen dat hij dingen meekrijgt van wat er in zijn omgeving gebeurt, maar dat hij daarnaast wel in een ziekenhuisomgeving past. En hij is dus ook schattig, omdat dat een chemische reactie bij mensen triggert en dat mensen zich daardoor beter voelen en even de negatieve sfeer loslaten.”

Er heerst de angst dat robots te veel macht zouden kunnen krijgen en daarmee de mensheid zouden kunnen overtreffen. Is deze angst terecht? “Ik snap vanuit onze cultuur dat mensen bang zijn voor de ontwikkeling van robots, maar dat ze ook beïnvloed worden door de media. Ik denk dat deze angst op dit moment niet realistisch is. Als je kijkt naar hoe onhandig robots zijn en hoe weinig ze eigenlijk nog kunnen. Ik denk dat als we ons al zorgen moeten maken, dat dat dan meer gaat om de ontwikkelingen van zelflerende algoritmes (met name zelflerende-algoritmes-schrijvende zelflerende algoritmes) die op meer dan alleen robots worden toegepast.”

Er heerst de angst dat robots te veel macht zouden kunnen krijgen en daarmee de mensheid zouden kunnen overtreffen. Is deze angst terecht?

Volgens Marijke moeten we juist robots in onze samenleving omarmen. “Ik denk dat je het leven van mensen daarmee kan verbeteren, zowel op de werkvloer als in hun privé omgeving. In de toekomst zullen robots daar een hele grote rol in gaan spelen. Op dit moment is het aantal robots dat wordt verkocht aan het exploderen. Daarom denk ik dat er een grote kans is dat heel veel mensen gaan samenwerken met een robot, zoals voor het assembleren van producten, het transporteren van goederen of overnemen van saaie kantoorwerkzaamheden, zoals het schrijven van transcripten. Je ziet wat voor impact een computer heeft gehad op ons leven. Helemaal geïntrigeerd en we kunnen niet meer zonder. En robots zijn dan nog een stukje complexer dan computers, omdat ze ook zelf beslissingen kunnen nemen over onze fysieke wereld en je wilt dat ze deze beslissingen ook communiceren. En daarbij is een beeldscherm niet altijd genoeg. Dus er moet meer zijn dan een beeldscherm en wij moeten daar als mensen intuïtief mee om kunnen gaan, zodat we niet eerst een hele lange scholing nodig hebben om te begrijpen wanneer een robot zou communiceren dat een implementatie is mislukt. Dan verlies je zo veel tijd, wat onnodig is. Kijk bijvoorbeeld naar hoe wij samenwerken met honden. Deze dieren worden voor heel veel dingen ingezet om ons te helpen, zoals politiehonden, blindengeleidenhonden en rescue dogs. Als je kijkt naar de interactie die een mens met deze honden heeft, het zou heel mooi zijn als we zo ook met robots gaan communiceren. Dan kunnen ze ons heel veel bieden.”

Marijke met Mo Marijke met Mo