Verslag Alumnidag 15 maart 2017

Alumnimiddag voor de Masters SEN, MLI en MLE

“Passend Onderwijs: Passie voor Passend Onderwijzen: Successen, uitdagingen en dilemma’s voor ons als onderwijsprofessional.”

Op woensdag 15 maart jl. vond de  alumnimiddag voor de Masters SEN, MLI en MLE plaats met als thema “Passend Onderwijs: Passie voor Passend Onderwijzen. Successen, uitdagingen en dilemma’s voor ons als onderwijsprofessional.”

Tijdens deze bijeenkomst werden we geïnspireerd door Bas Wesseldijk, directeur bestuurder van het Samenwerkingsverband De Meierij. http://prezi.com/rawskijndq9m/?utm_campaign=share&utm_medium=copy&rc=ex0share .

Hij gaf een schets van de wijze waarop hij samen met schoolbesturen en scholen passend onderwijs ‘richten, inrichten en verrichten’. In zijn hele verhaal krijgen ouders een prominente plaats als erkende educatieve partners, als gelijkwaardige gesprekspartners bij het passend arrangeren voor hun kind en als tegenspeler op bestuurlijk niveau. Ze onderscheiden zes niveaus van interventies ‘van basis naar intensieve ondersteuning’, waarbij ouders op ieder niveau een rol spelen.

De scholen van de Meierij hebben gekozen voor een middenweg tussen ‘school-, expert- en leerlingmodel’ bij de verdeling van de ondersteuningsmiddelen.

 Er zijn in totaal 80 ambulante begeleiders die onderverdeeld zijn in ondersteuningseenheden. Zij beslissen in samenspraak met de school op welk interventieniveau er begeleidingstrajecten worden uitgevoerd. Een mooie inspiratie van Bas was voor de alumni de prominente en structurele plaats van ouders in hun ondersteuningsstructuur en passend arrangeren. Bas beaamde dit als een visie van de Meierij.

 Een andere eye-opener was het afbouwen van SBO-scholen binnen scholen van de Meierij. Bas benoemde de samenwerking tussen ‘onderwijs en jeugdzorg’ als grootste uitdaging van dit moment.

 De alumni hadden een diversiteit aan afkomst: leerkracht PO, SO en MBO en ambulante begeleider. Ieder ging het gesprek aan vanuit zijn eigen perspectief en beroepscontext. Daaruit blijkt dat Passend onderwijs ‘richten, inrichten en verrichten’ voor iedere onderwijsgroep, doelgroep én taak en functie daarbinnen een uniek verhaal is.

Een boeiende uitdaging in de opleiding Master EN om aan die diversiteit tegemoet te komen.

 We keken naar een interview van Marianne den Otter met José Wichers-Bots, waarin  het perspectief van de geschillencommissie Passend Onderwijs centraal stond. 

De dialoog met elkaar ging o.a. over de  complexiteit van goed afgestemde samenwerking met partners in de jeugdzorg, zowel preventief als curatief.

Er werd ook gereflecteerd op het effect van keuzes van inrichting van ondersteuningsstructuren en de participatie van ouders hierbij, om commitment en samenwerkend partnerschap te realiseren. Volgens José een belangrijke indicator voor het op één lijn blijven met elkaar, waardoor de kans op geschillen geminimaliseerd wordt.

Binnen het MBO en HBO is de leerling vaak al 18 of ouder en is de positie en het partnerschap met ouders een ander, uniek verhaal.

 Na de pauze was er een inspiratie van  Anja de Rooij , Alumni Master EN.

Zij gaf een presentatie van haar onderzoek naar ‘Nieuwetijdsjongeren in het MBO, zin of onzin?’ en hield daarbij een pleidooi voor het aandacht geven van de onbelichte aspecten van de innerlijke belevingswereld van jongeren (https://www.hbo-kennisbank.nl/record/oai:repository.samenmaken.nl:smpid:61395).

Het thema ‘Nieuwetijdsjongeren’ onder de aandacht brengen binnen directie, team en studenten op het MBO was een enorme uitdaging voor haar. Gedreven door eigen ervaringen met haar dochter met deze kenmerken (problematiek) heeft ze binnen haar onderwijspraktijk toch een taboe willen doorbreken om deze jongeren onder de aandacht te brengen.

Ditzelfde proces kwam in de dialoog met alumni naar voren ‘taboe doorbrekende communicatie’. Het gaf een levendige discussie over het wel of niet etiketteren en naam geven aan specifieke kenmerken van leerlingen.

Waarom zouden we dit wel of niet doen? Wat is het effect als we het doen en wat als we het laten? Al discussiërend ontdekten we met elkaar dat het niet onderkennen van deze specifieke kenmerken ook tot veel verborgen leed kan lijden in het onderwijs, met als uiterste consequentie een leerling die thuis zit.

Als voorbeelden werden genoemd, kinderen en jongeren met ASS en dyslexie, die inmiddels erkend en onderkend worden in hun specifieke ondersteuningsbehoeften. Anja refereerde aan wetenschappelijk onderzoek van Aron, die er op wijst dat in Amerika 20% van de leerlingen (hoog)sensitief zijn en doordat ze hierin niet herkend en erkend worden, zich lastig kunnen handhaven en overleven in onderwijs en samenleving.

Tot slot hebben we kort het systeemgericht benaderen van passend onderwijs en het belang van de ecologie bij passend arrangeren aangetipt, als een steeds wisselende unieke context bij ieder kind.

Doordat we met een kleine groep alumni waren deze middag, was er tijd en ruimte voor discussie en verdiepende wederkerige dialoog. Dat werd door alumni gewaardeerd als inspirerend en verrijkend.

Natuurlijk wensen we als docenten van de educatieve en pedagogiek masters dat we vele alumni weten te inspireren in duurzaam partnerschap in een Leven Lang samenwerkend leren met elkaar.

Marianne den Otter en José Wichers-Bots