categoriensysteem%20feedbackgedrag.jpg

Doel

Voor leerkrachten in het basisonderwijs is in het kader van een promotieonderzoek door Fontys Hogeschool in samenwerking met de TU Eindhoven een instrument ontwikkeld om feedbackgedrag van leerkrachten in kaart te brengen. Achtergrond hierbij is dat feedback gegeven door een leerkracht aan leerlingen één van de meest krachtige instrumenten is om het leergedrag van leerlingen te verbeteren. Het promotie onderzoek heeft aangetoond dat er op dit terrein nog veel winst te behalen is. Zo vindt er relatief weinig feedback plaats die expliciet gerelateerd is aan een leerdoel, de feedback is vaker sturend dan faciliterend en er wordt nauwelijks feedback gericht op de zelfsturing van leerlingen gegeven.

Wat wordt gemeten?

Met het instrument wordt het feedbackgedrag van leerkrachten in kaart gebracht door het analyseren van feedbackinteracties. Een feedbackinteractie kan gefocust zijn op de volgende foci:

-Taak (de leerkracht zegt iets over de lesstof of de inhoud van het werk van leerlingen)
-leerkracht (de leerkracht zegt iets over de manier waarop leerlingen de taak kunnen aanpakken)
-Zelfsturing (de leerkracht zegt iets over de oriëntatie, planning, monitoring, evaluatie en reflectie op het werk of op de aanpak door leerlingen)
-Samenwerking (de leerkracht zegt iets over de taakverdeling tussen leerlingen, rolverdeling, hulp aan elkaar, samenwerkingsvaardigheden)
-Niet specifiek/ persoonlijk (de leerkracht maakt opmerkingen over de leerling als persoon).

Vervolgens worden de volgende kenmerken van de feedbackinteractie bepaald:

-De doelgerichtheid van de feedback: is de feedback gerelateerd aan doel van de les, en/of wordt uitgelegd waarom de feedback wordt gegeven?
-De aard van de feedback: is deze bevestigend, kritisch, constructief, neutraal of een combinatie van bevestigend, kritisch en constructief (BKC)?
-De manier waarop de feedback wordt gegeven: is deze begeleidend, sturend, aanmoedigend, neutraal of bevat deze een combinatie van deze elementen (al dan niet met sturende elementen erin)?

Elk van de foci en kenmerken van de feedback is met behulp van concrete voorbeelden uitgewerkt naar waarneembaar gedrag van een leerkracht.

Voor wie?

Het instrument is gemaakt voor de bovenbouw van de basisschool, in principe voor de context van actief leren (leerlingen werken in groepjes samen aan taken en projectwerk, de leerkracht loopt rond om te begeleiden; coachende rol). Het is een ontwikkelingsgericht instrument, op basis van observaties kan de professionaliteit op het gebied van het geven van feedback van leerkrachten vergroot worden, om de effectiviteit van interacties tussen leerkracht en leerlingen te bevorderen.

Instrument feedbackgedrag leerkrachten

Het instrument is opgenomen in het boek: ‘Begeleiden van actief leren. Theorie en praktijk van zelfsturing en samenwerking' door Linda van den Bergh en Anje Ros, uitgeverij Coutinho, 2015 en is tevens hier te downloaden.

boek%20begeleiden%20van%20actief%20leren.JPG

Kosten

Aan het gebruik van het feedback instrument zijn geen kosten verbonden.

Contact?

Externe ondersteuning en/of een aansluitend professionaliseringsprogramma kan worden ingekocht.
Je kunt hiervoor contact opnemen met Linda Keuvelaar- van den Bergh

Stuur een mail

Gerelateerde cursus

Begeleiden van onderzoekend leren

Meer informatie

Tijdsbeslag

Het tijdsbeslag is afhankelijk van de keuzes van de school over de inzet van het instrument.

Meer informatie?

Lees meer over het proces, relatie met andere instrumenten en externe validering

  • Proces

    Het observatie-instrument is in het promotieonderzoek ontwikkeld door het analyseren van interacties tussen leerkrachten en leerlingen tijdens lessen waarin leerlingen actief leerden in het domein van wereldoriëntatie. De lessen werden opgenomen op video en daarna geanalyseerd. Een externe microfoon die werd bevestigd aan de kleren van de leerkracht maakte het mogelijk de observant op afstand te houden en zodoende het verloop van de les zo min mogelijk te verstoren. Opnames van 20 minuten per leerkracht bleken representatief te zijn voor het feedbackgedrag van een leerkracht. Uit de gefilmde interacties werden de feedbackinteractie geselecteerd, waarna eerst per feedbackinteractie de focus werd bepaald en daarna de doelgerichtheid, de aard en de manier.

    Het staat scholen die dit instrument willen inzetten vrij om te bepalen hoe zij de observatie willen inrichten. Het is ook mogelijk om de observatie bijvoorbeeld direct door een getrainde observator in de klas te laten plaatsvinden.

    Het categoriseren van de feedback en het bepalen van de kenmerken ervan is evenwel nauwkeurig werk waarbij dezelfde interactie op verschillende aspecten geanalyseerd wordt. Een video of geluidsband kan daarom goede diensten bewijzen.

    Relatie met andere instrumenten

    Gecombineerd met een aansluitend professionaliseringsprogramma is een duurzame verbetering van het feedbackgedrag van leerkrachten gemeten. Het professionaliseringstraject omvatte acht bijeenkomsten over feedback tijdens actief leren in vier maanden, waarbij informatieve bijeenkomsten werden afgewisseld met intervisie op basis van eigen videobeelden. Het traject is uitgevoerd met bovenbouwteams, zodat collega’s met en van elkaar leerden. Alle deelnemende leerkrachten maakten viermaal een video opname van een eigen les op basis waarvan analyse van de feedback in begeleide intervisie met collega’s plaatsvond.

    Dit pakket of een ander professionaliseringsprogramma op maat kan desgewenst door Fontys OSO worden verzorgd. Teamleren is hierbij een uitgangspunt. Elementen van dit professionaliseringsprogramma komen ook aan bod in de Master SEN (Special Educational Needs) en in de practitioner ‘Van startbekwaam naar basisbekwaam’ .

    Externe validering

    Het categorieënsysteem voor het in kaart brengen van feedbackgedrag is gebaseerd op wetenschappelijke inzichten uit de literatuur over feedback en actief leren. Transcripties van leerkracht-leerling interventies uit het onderzoek zijn gebruikt om concrete definities en voorbeelden te ontwikkelen. Het instrument is gevalideerd in het promotieonderzoek; de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van het instrument was substantieel en bij afname in een andere groep leerkrachten werd een vergelijkbare variatie van leerkrachtgedrag gemeten. Het instrument is zowel voorgelegd aan wetenschappers als aan leerkrachten. Voor beiden waren de teksten eenduidig en concreet.