Inhoud opleiding

Sfeerafbeelding Fontys

Inhoud

In de opleiding staan onder andere docent taken van alledag centraal. Je denkt na over wat een goede leraar is en maakt kennis met de vakdidactische beginselen. Je brengt deze beginselen in de praktijk in het beroepsonderwijs. Binnen de opleiding toon je aan dat je pedagogisch en didactisch bekwaam bent: in alledaagse taken (lessen maken, uitvoeren, begeleiden, evalueren en beoordelen, voortgang plannen en feedback geven); in jaartaken (programma maken, bijstellen, verbeteren, afstemmen op leerlingen en evalueren) en dat je alles binnen de context van de schoolorganisatie kunt uitvoeren.

Hoe flexibel is de opleiding?

Je hebt een studiecoach, met wie je jouw leertraject uitstippelt. Deze is afhankelijk van wat je al weet, kan, doet en wilt. Jouw vakkennis is het uitgangspunt, die moet je op verschillende momenten in de opleiding wel aantonen. Je bepaalt samen met de vakdocent hoe je dat precies doet: bijvoorbeeld door het beschrijven van een casus uit je werk of een interview met een (voormalig) opdrachtgever.

Zie het zo: er ligt een weg naar het getuigschrift, jij legt die af. Soms kun je een stukje versnellen, overslaan of in een andere volgorde zetten, op een ander moment heb je iets meer tijd nodig om je te verdiepen of omdat zaken op je werk of privé wat meer aandacht vragen.

Wat leer ik in deze opleiding?

Je brengt je vakkennis op hbo-niveau én je leert die te vertalen naar onderwijs. Je krijgt vakken als voedingsmiddelenleer, drankentechnologie, levensmiddelentechnologie en vakdidactiek. Om die kennis en vaardigheden over te dragen, is het nodig om met onderwijsogen naar je vak te kijken. Je analyseert het werkproces en bedenkt welke kennis en vaardigheden nodig zijn. Hoe maak je daarvan een les, hoe geef je die, hoe maak je een logische reeks lessen en uiteindelijk een jaarprogramma, hoe geef je leerlingen feedback, hoe zorg je dat iedereen mee kan komen? Wat werkt wel en wat werkt niet bij verschillende groepen leerlingen en studenten? Daar kom je stapsgewijs achter. Zo bouw je aan je didactische en pedagogische bekwaamheid.

Hoe ziet mijn week eruit?

De indeling van de week is afhankelijk van je leertraject. Dit leertraject bepaal je in samenspraak tussen studiecoach en jou, op basis van je voorkennis, ervaring en studietempo. Niet alleen vrijstellingen leveren mogelijkheden op om je studie te versnellen of de studielast te beperken. Ook relevante ervaringen en kennis, die niet meteen in een vrijstelling zijn omgezet, zorgen voor minder studielast. Op het moment dat jij via de toets aantoont dat je de leeruitkomsten beheerst, ontvang je de studiepunten (ec’s). Dit is ongeacht de hoeveelheid tijd die je eraan besteedt, je deelname aan het onderwijsaanbod of de duur van het leren op de werkplek. De lerarenopleiding stimuleert en faciliteert het leren in interactie met studenten en docenten.

Een studiejaar bestaat uit vier perioden van tien weken. Elke acht weken kun je gebruikmaken van het contactonderwijs. Daarna volgen twee tentamenweken. Tijdens het contactonderwijs is er de ruimte om in interactie kennis te construeren en leerervaringen te delen. Samen leren is een belangrijk element binnen de lerarenopleiding.

Wanneer sta ik voor het eerst in de klas?

Als je nog niet werkzaam bent in het onderwijs ga je vanaf de eerste dag op zoek naar een school waar je alles wat je leert in de praktijk kunt brengen. De meeste studenten geven hun eerste zelf samengestelde les al tijdens de eerste onderwijsperiode.

Hoe lang doe ik erover?

Deze opleiding is flexibel ingericht, je bepaalt met je studiecoach je eigen tempo en leertraject (gemiddeld genomen doen studenten vier jaar over de opleiding). Lijkt de stap naar bachelor je te groot? Dan kun je ervoor kiezen om eerst de Associate degree Onderwijsondersteuner  Consumptieve Techniek te doen. Deze opleiding sluit vervolgens naadloos aan op de bachelor.