Inhoud opleiding

Inhoud

Het studiejaar kent een opbouw van 3 onderwijsperiodes. Elke periode start met een speciale week waarin we opleidingsbreed gezamenljke activiteiten ondernemen. Daarop volgen 10 lesweken. Elke periode sluit af met een toetsweek.
De vaklijnen 'beeldende praktijk', 'kunsttheorie' en 'kunsteducatie' wisselen af met keuzevakken, vrije ruimte, vakbeschouwing en reflectie & ontwikkeling. Binnen de 'cross-labs' vormt de beroepspraktijk de onderwijsinhoud. In projectgroepen ga je aan de slag met een onderzoeksvraag of ontwerpopdracht vanuit het werkveld.

Kunstpraktijkvakken

Het ontwikkelen van een persoonlijke visie op wat de inhoud van een beeld zou kunnen zijn staat voorop, materialen en technieken zijn slechts hulpmiddelen. De opleiding streeft naar het ervaren van verbanden en verschillen in het ontstaan van beelden.

Theorie van de kunsten

De theorie der Kunsten behandelt vooral de vorm, de inhoud, de functie, en de context waarbinnen een kunstwerk ontstaat. Er is veel aandacht voor de maatschappelijke, culturele en filosofische invalshoek.

Onderwijstheorie

De focus ligt op de kwaliteit van de ‘overdracht’ van verschillende inhouden aan verschillende groepen.

Stage

In elk studiejaar loop je stage. Deze (internationale) stages hebben zowel een binnenschools als een buitenschools karakter en geven je de mogelijkheid het toekomstig beroepenveld te verkennen.