Variant-voltijd bachelor

Variant-voltijd bachelor; gecomprimeerd bachelor programma

[Dit deel van de site is onder constructie.]

Naast de reguliere voltijd opleiding kent de Academie voor Theater een opleiding voor studenten die vanwege hun vooropleiding en ervaring het onderwijsprogramma via een gecomprimeerde route kunnen doorlopen. De opleiding duurt net als de reguliere voltijd opleiding vier jaar, maar je doorloopt het studieprogramma in slechts twee dagen per week, te weten donderdag en vrijdag. De variant-voltijd bacheloropleiding, voorheen bekend onder de term 'variantopleiding', leidt op voor hetzelfde diploma als de voltijd opleiding;  Docent Theater ongegradeerd.

Toelatingseisen

Je komt in aanmerking voor deze opleiding als je al over HBO of WO denk- & werkniveau beschikt en ruime ervaring hebt opgedaan in het werken met groepen. Toelating verloopt verder zoals beschreven bij ‘Toelating en auditie’. In uitzonderlijke gevallen kunnen kandidaten worden toegelaten die niet aan de beschreven toelatingseisen voldoen. Naast de auditie dient dan ook een aanvullende intakeprocedure succesvol te worden doorlopen. In deze procedure wordt HBO/WO denk- en werkniveau getoetst.

Inhoud

Op basis van je eigen spelplezier en talent ontwikkel je tijdens je opleiding inzicht, kennis en vaardigheden op het gebied van acteren, doceren en regisseren. Je leert toneelscènes ontwerpen en vormgeven, toneellessen aanbieden, spelers begeleiden en voorstellingen maken. Je leert ideeën te ontwikkelen tot concepten en die uit te voeren in projecten. Je leert, zo mogelijk doorbordurend op reeds opgedane kennis en vaardigheden en vooropleiding(en) een start te maken in de beroepspraktijk.

Opbouw

De studie bestaat uit de volgende fasen:

- Propedeuse: ontwikkeling van theatrale vaardigheden en ambachtelijke kwaliteit.

- Hoofdfase: toepassen van theatrale vaardigheden in de praktijk (binnen- en buitenschools) via projecten en stages.

- Afstudeerfase: verdere ontwikkeling van je eigen vakopvatting en relatie met de beroepspraktijk, in theorie en praktijk.

Lesprogramma

Het studieprogramma bestaat uit lessen die je ambachtelijke vaardigheid ontwikkelen en lessen die je theoretische verdieping bieden.

De ambachtelijke vakken zijn o.a. spel, regie, didactiek, stem, beweging en koor. In de spellessen leer je spelen, in de didactische lessen hoe je speloefeningen kunt bedenken en scènes ontwerpen. Tijdens de regielessen leer je hoe je met een tekst moet omgaan (lezen, analyseren, beelden bedenken) en hoe je een goed idee omzet in een speelbare scène. Je leert hoe je met spelers aan scènes werkt en hoe je die goed presenteert. Je maakt samen met medestudenten improvisatievoorstellingen of voorstellingen die meer op tekst of beweging gebaseerd zijn. In deze producties worden meerdere vakgebieden geïntegreerd. 

In de theorielessen leer je je op verschillende manieren te verdiepen in o.a. theatergeschiedenis en de relatie van de geschiedenis met het hedendaagse theater. Deze lessen geven je tevens de mogelijkheid om je eigen theatrale fascinaties (beter) te leren kennen en dienen als voorbereiding op het theoretische onderdeel van je afstudeertraject.

Stage Tijdens de stages oefen je het lesgeven, begeleid je spelers, speel je in een productie of regisseer je. De stages zijn een belangrijk onderdeel van de opleiding. In het eerste jaar doorloop je een stage waarin je je oriënteert op het werkveld. In het tweede en derde jaar geef je lessen in het voortgezet onderwijs en begeleid je producties. De stages in het vierde jaar organiseer je zelf, in overleg met de opleiding.

Afstuderen

Het afstudeertraject bestaat uit de derdejaars regie- en lesstages, de  vierdejaars stage en een praktijkgericht onderzoek.

Studiebelasting

De studie heeft een studiebelasting van ca. 30 uur.

Studiebegeleiding

Aangezien een beroep in de richting van theater veel discipline en zelfstandigheid vraagt, vraagt de opleiding dit ook al van jou tijdens de studie. Om je hierin optimaal te ondersteunen, is de begeleiding vanuit de opleiding zoveel mogelijk individueel ingericht. Tijdens de gehele studie heb je een studieloopbaanbegeleider. Hij of zij bespreekt met jou je resultaten, houdt met jou je studievoortgang in de gaten en is tevens degene bij wie je terecht kunt als je studieproblemen hebt. Daarnaast zijn de vakdocenten erop gericht je zo individueel mogelijk te helpen in het ontwikkelen van je kennis en vaardigheden. Het docententeam en je studieloopbaanbegeleider hebben per periode meerdere vaste vergadermomenten, waarin naar aanleiding van je resultaten je studievoortgang wordt vastgesteld. Na elke vergadering volgt er een gesprek met je studieloopbaanbegeleider, waarin je in samenspraak handvatten bepaalt om je studietraject succesvol vorm te geven.

Studiekosten

De kosten voor deze opleiding bestaan uit collegegeld en aanvullende kosten. Het collegegeld wordt bepaald door de overheid. De tarieven zijn afhankelijk van nationaliteit, woonplaats, een eventueel eerder behaalde graad en van de opleiding die je wilt gaan volgen of al volgt. Wil je precies weten hoeveel je moet betalen aan collegegeld voor deze opleiding? Ga dan naar de collegegeldmeter.

Aanvullende kosten (per studiejaar) bestaan uit:

-       Excursies/museumbezoek/theatervoorstellingen: ca. 250,-

-       Boeken, dictaten etc.: ca. 200,-

-       Reiskosten t.b.v. stages en voorstellingen.

NB: De opleiding vergoedt geen (stage)reiskosten. Het is raadzaam om een OV-kaart te nemen.

Studiefinanciering

Als je studeert aan een voltijdopleiding en je voldoet aan bepaalde voorwaarden, dan heb je recht op studiefinanciering (in de vorm van een lening) en een studenten-reisproduct voor je OV-chipkaart. Voor meer informatie en de precieze voorwaarden kijk je op www.duo.nl