Inhoud opleiding

De lerarenopleiding Economie kent twee studierichtingen; Algemene economie en Bedrijfseconomie. Het is mogelijk beide diploma’s te behalen door een extra jaar vakken te volgen.

Bedrijfseconomie
Dit gaat over kosten, financiering, marketing, management, financieel rekenen, bedrijfsadministratie en jaarverslaggeving. Bij deze opleiding heb je wat meer gevoel voor rekenen nodig dan bij algemene economie. Bedrijfseconomie wordt veel gegeven in het vmbo en mbo.

Algemene economie
Dit is vooral gericht op onderwerpen als macro- en micro-economie, geld en banken, de overheid en internationale betrekkingen. De opleiding besteedt aandacht aan hoe een algemeen econoom denkt. De lijn die we tijdens de opleiding volgen, is Nederland, dan Europa en daarna de wereld. Algemene economie wordt vooral gegeven in de onderbouw van havo/vwo en het vmbo.

Het beroep: theorie en praktijk

Hoe breng je je vakkennis over op je leerlingen? De beste wijze om dat te leren is uiteraard voor de klas. Je gaat daarom vrij snel op stage. Hoe verder je komt in de opleiding, hoe meer uren stage je loopt. Het voordeel is dat je de theorie die je op school leert, meteen in de praktijk kunt brengen. En dat werkt motiverend!

Naast de praktijk volg je colleges onderwijskunde en vakdidactiek. Tijdens deze colleges krijg je onderdelen als groepsdynamiek, leer- en ontwikkelingspsychologie, schoolorganisatie, lesgeven en leerlingenbegeleiding. Bij vakdidactiek staat de vertaling van de vakinhouden op schoolniveau centraal.

Veldwerk en projecten

Projecten nemen in de hele opleiding een belangrijke plaats in. Alle mens- en maatschappijvakken - de naam geeft het al aan - houden zich immers bezig met het bestuderen van (een aspect van) de werkelijkheid. Daarbij zijn boeken en andere hulpmiddelen broodnodig. Maar we kunnen ook niet zonder onderzoek van de werkelijkheid zelf. Via projecten brengen wij theorie en praktijk bij elkaar. Je gaat dus praktisch aan de slag met dat wat je in de lessen leert.

Economie
  • Opbouw

    Het eerste jaar

    De propedeuse bestaat voor 65% uit vak en vakdidactiek en 35% onderwijskundige vakken. De studielast is ruim 40 uur per week waarvan in het begin van je studie ruim de helft gevuld is met lesactiviteiten.

    Hoeveel uren per week ben je met je studie bezig?

    • 18 uur les
    • 2 uur projectwerk
    • 16 uur zelfstudie
    • 4 uur stage

    Hoe is de studie ingedeeld?

    Theorie
    50%
    Zelfstudie
    30%
    Praktijk
    20%


    Er wordt gewerkt met 4 perioden van 8 weken plus een tentamen- en hertentamenweek.

  • Struikelvakken
    Als je leraar wilt worden in een bepaald vak is het logisch dat je dit vak op de middelbare school hebt gevolgd en dat je hier goed in was. Mocht dit niet het geval zijn dan is bijspijkeren of het behalen van een havo-certificaat voor dat vak een verstandig idee.

    Daarnaast moet je het natuurlijk niet erg vinden om voor een groep of klas te staan en is het belangrijk dat je goed met jonge mensen kunt omgaan. Mocht je twijfelen of een lerarenopleiding iets voor jou is, vraag het dan ook eens aan je vakdocent of volg de module Proefstuderen (start 20 februari 2018).
  • Stage en afstuderen

    De praktijk van het leraarschap leer je op school. Stages vormen daarom een belangrijk onderdeel van de opleiding. Het voordeel is dat je de theorie die je op school leert, meteen in de praktijk kunt brengen. En dat werkt motiverend. Al vanaf het eerste jaar loop je stage. Hoe verder je komt in de opleiding, hoe meer uren stage je loopt.

    Eerste jaar (propedeuse)

    In het eerste jaar ga je bij voorkeur in tweetallen naar een school voor voortgezet onderwijs. Daar voer je ongeveer acht tot tien weken lang drie dagen in de week taken uit binnen een school, op basis van de (leer)doelen die je wilt bereiken. Ook oefen je eenvoudige vormen van lesgeven.

    Tweede jaar (hoofdfase)

    In het tweede jaar loop je vier dagen per week stage gedurende twee maanden. Je leert de basisvaardigheden van het lesgeven, je leert meer over de basisvorming en je leert om te gaan met (de verschillen tussen) leerlingen. Wat je precies wilt leren, bepaal je samen met je begeleider.

    Derde jaar (hoofdfase)

    In het derde jaar ga je ongeveer eenzelfde periode als in het tweede jaar stagelopen. Het begeleiden van leerprocessen van leerlingen krijgt meer nadruk. Je geeft niet alleen les, maar je begeleidt ook leerlingen en je werkt aan een onderzoek.

    Laatste jaar (afstudeerfase)

    In het laatste jaar, de afstudeerfase, loop je de afrondende stage. Dit is het sluitstuk van de opleiding, de kroon op je werk. Je voert zoveel mogelijk zelfstandig de verschillende leraarstaken uit. Tijdens deze stage voer je ook je afstudeeronderzoek uit.

    Waar loop je stage?

    Je loopt stage op zowel (v)mbo-scholen als scholen voor havo en vwo.

  • Specialisaties

    Elke lerarenopleiding in Nederland kent twee afstudeerrichtingen: algemeen vormend (havo/vwo) en beroepsgericht (vmbo/mbo). Tijdens je studie oriënteer je je op beide schooltypen en aan het einde van de hoofdfase kies je een afstudeerrichting.
    Het diploma van de lerarenopleiding geeft een brede bevoegdheid waarbij je les mag geven op beide schooltypen. Voor havo/vwo ben je bevoegd les te geven in de eerste 3 leerjaren. De afstudeerrichting geeft aan waarin jij je verder hebt gespecialiseerd.

  • Hoe krijg je les

    Op Fontys Lerarenopleiding Sittard geldt het motto: ‘Teach what you Preach’. Om goede docenten op te leiden hebben onze opleiders een voorbeeldrol. De werkvormen zijn dus afwisselend en we stellen het leren centraal. Bij de uitleg geven we ook vaak aan waarom we het op die manier uitleggen zodat je niet alleen vakinhoudelijk leert, maar ook vakdidactisch gezien hoe je leert.
    Onze docenten zijn allemaal hoog opgeleid, hebben veel ervaring en worden door onze studenten hoog gewaardeerd.

  • Studiebegeleiding

    Aan het begin van elk studiejaar krijg je een studieloopbaanbegeleider toegewezen. Dit is je eerste aanspreekpunt en jouw persoonlijke begeleider gedurende je studie. Samen stellen jullie een Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP) op, waarmee je tijdens je studie aan de slag gaat. Met je studieloopbaanbegeleider bespreek je je studieresultaten en bij hem of haar kun je ook terecht met eventuele vragen of problemen.

    Begeleiding tijdens je stage

    Tijdens je stage word je extra intensief begeleid. Naast ondersteuning van je studieloopbaanbegeleider krijg je vanuit je opleiding een Fontys instituutsbegeleider. Ook word je begeleid door één of meer docenten van de school waar je stage loopt.

  • Studie in cijfers
    Een studie kiezen die echt bij jou past kan lastig zijn. Het is dan ook goed om te weten hoe studenten hun opleiding beoordelen en hoe er landelijk over gedacht wordt.

    Bij Fontys vinden we eerlijke voorlichting heel belangrijk, want we zien graag dat je op de juiste plek terechtkomt. Daarom vind je hieronder een handig overzicht, waarin je snel ziet hoe de opleiding scoort ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Zie de toelichting voor meer informatie.
    Sfeerafbeelding Fontys

  • Typerend voor deze opleiding
    De opleiding is kleinschalig waardoor je je snel thuis voelt. We bieden veel persoonlijke aandacht en hoge kwaliteit. Fontys lerarenopleiding Sittard is niet voor niets al sinds 2012 de beste lerarenopleiding van Nederland volgens de Keuzegids Hbo en Elsevier.