Inhoud opleiding

Vakmanschap en meesterschap zijn beiden heel belangrijk voor een leraar. We besteden in de opleiding hieraan ongeveer evenveel tijd. Het 1e jaar is oriënterend en selecterend. Niet iedereen is immers geschikt om een goede leraar te worden. Naast vakinhoudelijke kennis oriënteer je je op het beroep van leraar en ga je op stage.
In het eerste jaar krijg je een beeld van de gehele opleiding .
Aan de orde komen:
•Vakinhoudelijk: analyse, meetkunde (ruimtemeetkunde en vlakke meetkunde), statistiek, algebra, probleem oplossen. Deze leerstof bevindt zich in het eerste leerjaar op vwo-examenniveau B/D. Studenten met een vwo-vooropleiding met wiskunde B en/of D kunnen daarom, in overleg met de studieloopbaanbegeleider, het studietempo versnellen en daardoor de opleiding in drie jaar afronden. Deze studenten kunnen op deze wijze een master of een tweede bachelor halen in vijf jaar.
•Beroepsvoorbereiding: vakdidactiek (hoe breng je het vak over aan leerlingen), stage, een vakoverstijgend project en onderwijskunde. Je eerste lessen zul je geven aan basisschoolleerlingen van groep 8. Vervolgens ga je in de tweede helft van het eerste jaar naar een stageschool in het voortgezet onderwijs.

In de jaren daarop krijg je een verdere vakinhoudelijke verdieping en leer je hoe je jouw kennis kunt overbrengen op leerlingen. De nadruk komt steeds meer te liggen op het meesterschap. De stages worden langer en je gaat meer zelfstandig lesgeven. In het laatste jaar kies je een afstudeerrichting (v)mbo of havo. Binnen deze afstudeerrichting doe jij je stage en je afstudeeronderzoek. Daarnaast kun je een keuze maken in een specialisatie zoals tweetalig onderwijs, ontwerpen van onderwijs of educational needs.

Naast de onderdelen die je al kent uit je vooropleiding, besteden we in de opleiding ook aandacht aan nieuwe wiskunde. Zo gaan we uitgebreid in op onderdelen als algebra, analyse, meetkunde, grafentheorie en statistiek.
De manier waarop we het onderwijs in Sittard aanbieden, is afwisselend. Zo volg je werkcolleges, werk je in groepjes aan een project, achter de computer, aan practica. Daarnaast werk je ook zelfstandig. De link tussen het vak wiskunde en de vakdidactiek (hoe breng ik de vakkennis over) is bij deze opleiding van groot belang. De vakdidactiek, waaronder ook rekendidactiek, loopt dan ook als een rode draad door de hele opleiding.

Lerarenopleiding Wiskunde
  • Opbouw

    Het eerste jaar

    De propedeuse bestaat voor 65% uit vak en vakdidactiek en 35% onderwijskundige vakken. De studielast is ruim 40 uur per week waarvan in het begin van je studie ruim de helft gevuld is met lesactiviteiten.

    Hoeveel uren per week ben je met je studie bezig?

    • 18 uur les
    • 2 uur projectwerk
    • 16 uur zelfstudie
    • 4 uur stage

    Hoe is de studie ingedeeld?

    Theorie
    50%
    Zelfstudie
    30%
    Praktijk
    20%


    Er wordt gewerkt met 4 perioden van 8 weken plus een tentamen- en hertentamenweek.

  • Struikelvakken
    Als je leraar wilt worden in een bepaald vak is het logisch dat je dit vak op de middelbare school hebt gevolgd en dat je hier goed in was. Mocht dit niet het geval zijn dan is bijspijkeren of het behalen van een havo-certificaat voor dat vak een verstandig idee.

    Daarnaast moet je het natuurlijk niet erg vinden om voor een groep of klas te staan en is het belangrijk dat je goed met jonge mensen kunt omgaan. Mocht je twijfelen of een lerarenopleiding iets voor jou is, vraag het dan ook eens aan je vakdocent of volg de module Proefstuderen (start 20 februari 2017).
  • Specialisaties

    Elke lerarenopleiding in Nederland kent twee afstudeerrichtingen: algemeen vormend (havo/vwo) en beroepsgericht (vmbo/mbo). Tijdens je studie oriënteer je je op beide schooltypen en aan het einde van de hoofdfase kies je een afstudeerrichting. Het diploma van de lerarenopleiding geeft een brede bevoegdheid waarbij je les mag geven op beide schooltypen. Voor havo/vwo ben je bevoegd les te geven in de eerste 3 leerjaren. De afstudeerrichting geeft aan waarin jij je verder hebt gespecialiseerd.

  • Stage en afstuderen

    De praktijk van het leraarschap leer je op school. Stages vormen daarom een belangrijk onderdeel van de opleiding. Het voordeel is dat je de theorie die je op school leert, meteen in de praktijk kunt brengen. En dat werkt motiverend. Al vanaf het eerste jaar loop je stage. Hoe verder je komt in de opleiding, hoe meer uren stage je loopt.

    Eerste jaar (propedeuse)

    In het eerste jaar ga je in de derde periode bij voorkeur in tweetallen naar een school voor voortgezet onderwijs. Daar voer je ongeveer acht tot tien weken lang drie dagen in de week taken uit binnen een school, op basis van de (leer)doelen die je wilt bereiken en oefen je eenvoudige vormen van lesgeven.

    Tweede jaar (hoofdfase)

    In het tweede jaar loop je in periode 2 vier dagen per week stage gedurende tien weken. Je leert de basisvaardigheden van het lesgeven, je leert meer over de basisvorming en je leert om te gaan met (de verschillen tussen) leerlingen. Wat je precies wilt leren, bepaal je samen met je begeleider.

    Derde jaar (hoofdfase)

    In het derde jaar ga je ongeveer eenzelfde periode als in het tweede jaar stagelopen. Het begeleiden van leerprocessen van leerlingen krijgt meer nadruk. Je geeft niet alleen les, maar je begeleidt ook leerlingen en je werkt aan een onderzoek.

    Laatste jaar (afstudeerfase)

    In het laatste jaar, de afstudeerfase, loop je de afrondende stage binnen de gekozen afstudeerrichting (v)mbo of havo/wvo. Dit is het sluitstuk van de opleiding, de kroon op je werk. Je voert zoveel mogelijk zelfstandig de verschillende leraarstaken uit. Tijdens deze stage voer je ook je afstudeeronderzoek uit.

    Waar loop je stage?

    Je loopt stage op zowel (v)mbo-scholen als scholen voor havo en vwo.

    Je eerste lessen geef je aan groep 8

    Voorafgaand aan je eerste stage oefen je al met lesgeven aan basisschoolleerlingen van groep 8.

  • Hoe krijg je les

    Op Fontys Lerarenopleiding Sittard geldt het motto: ‘Teach what you Preach’. Om goede docenten op te leiden hebben onze opleiders een voorbeeldrol. De werkvormen zijn dus afwisselend en we stellen het leren centraal. Bij de uitleg geven we ook vaak aan waarom we het op die manier uitleggen zodat je niet alleen vakinhoudelijk leert, maar ook vakdidactisch gezien hoe je leert. Onze docenten zijn allemaal hoog opgeleid, hebben veel ervaring en worden door onze studenten hoog gewaardeerd.

  • Studiebegeleiding

    Aan het begin van elk studiejaar krijg je een studieloopbaanbegeleider toegewezen. Dit is je eerste aanspreekpunt en jouw persoonlijke begeleider gedurende je studie. Samen stellen jullie een Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP) op, waarmee je tijdens je studie aan de slag gaat. Met je studieloopbaanbegeleider bespreek je je studieresultaten en bij hem of haar kun je ook terecht met eventuele vragen of problemen.

    Begeleiding tijdens je stage

    Tijdens je stage word je extra intensief begeleid. Naast ondersteuning van je studieloopbaanbegeleider krijg je vanuit je opleiding een instituutsopleider toegewezen. Ook word je op je stageschool begeleid door één of meer docenten van de school waar je stage loopt.

  • Studie in cijfers
    Een studie kiezen die echt bij jou past kan lastig zijn. Het is dan ook goed om te weten hoe studenten hun opleiding beoordelen en hoe er landelijk over gedacht wordt.

    Bij Fontys vinden we eerlijke voorlichting heel belangrijk, want we zien graag dat je op de juiste plek terechtkomt. Daarom vind je hieronder een handig overzicht, waarin je snel ziet hoe de opleiding scoort ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Zie de toelichting voor meer informatie.
    Sfeerafbeelding Fontys

  • Typerend voor deze opleiding
    De opleiding is kleinschalig waardoor je je snel thuis voelt. We bieden veel persoonlijke aandacht en hoge kwaliteit. Fontys lerarenopleiding Sittard is niet voor niets al sinds 2012 de beste lerarenopleiding van Nederland volgens de Keuzegids Hbo en Elsevier.